De Ankylosaurus, ook wel de "samengesmolten hagedis" genoemd, is een dinosaurus waar alle tanks een voorbeeld aan kunnen nemen. Met een lengte van ongeveer acht meter en een hoogte van meer dan een meter gebruikte de Ankylosaurus elk deel van zijn forse lichaam om zichzelf te beschermen. Zijn pantser bestond uit enorme knobbels en benige platen die in de huid waren ingebed, osteodermen genaamd. Deze osteodermen waren licht en stevig en zeer bestand tegen penetrerende objecten zoals de tanden van roofdieren. Wanneer hij zich bedreigd voelde, gebruikte Ankylosaurus zijn krachtige staartknots tegen andere dinosaurussen, waarbij hij zijn staart in een beweging van honderd graden zwaaide. De plaatsing van de knots aan het uiteinde van de staart vergrootte de inertie, waardoor hij enorme schade aanrichtte bij tegenstanders. De Ankylosaurus leefde in Noord-Amerika tijdens het late Krijt, samen met vele gevaarlijke roofdieren en concurrentie. Zijn ongelooflijke verdedigingsmechanismen beschermden hem tegen enorme carnivoren zoals de Tyrannosaurus. Ankylosaurus had een vergelijkbare ecologische rol als de herbivoor: Triceratops. Dankzij zijn brede bek kon hij zich voeden met diverse lage vegetatie in zijn subtropische overstromingsgebied. Als de grootste bekende ankylosauride, verwerkte zijn grote spijsverteringsstelsel een enorme hoeveelheid voedsel. Deze hongerige herbivoor zou de regio echter niet volledig hebben kaalgevreten, omdat hij als volwassen dier waarschijnlijk solitair leefde.